Jij weet
van zee,van wind uit zee
van wind, aflandig
Jij deed
niet zo onhandig
met jas, tas of hoofddeksel
Jij weet
van meeuwen en
hun huilen
De kuilen
uit het losse zand gegraven
en de kastelen met een kinderschep
Jij kneedt
van een mengsel van zee en zand
noordzeegebak
Jij biedt mij
onderdak
als het in mij huilt en stormt.
-foto & dicht: harry c.a. daudt-
Geen opmerkingen:
Een reactie posten